BLOG – Met spoed melden graag!

Heb je dat wel eens gehad als je op het vliegveld zit te wachten tot je mag boarden dat je dan hoort dat er nog mensen omgeroepen worden? Ik dacht dan altijd: hoe krijg je het voor elkaar om zo laat te zijn. Inmiddels denk ik er anders over. Ik zat namelijk een keer met mijn liefhebbende echtgenoot rustig een koffietje te drinken en een broodje te eten bij een restaurant op Schiphol vér voor de gates. We zaten heel relaxed. Totdat we ineens ónze namen hoorden door de luidsprekers. We werden met spoed verzocht om naar de gate te gaan om te boarden. Oh… jee dat zijn wij! Wat gênant.

Met grote spoed naar de gate

We pakten onze spullen en haastten ons richting de gates. Ondertussen bedacht ik mij waarom dat was. We hadden toch tijd zat? Nee! Niet dus. We hadden ons gewoon een uur vergist. En nog maar een paar minuten om ons te melden. Hoe kregen wij dat voor elkaar. Ik, die altijd zo op de tijd let en er een ontzettende hekel aan heeft om te laat te komen, laat gewoon een heel vliegtuig wachten. Gelukkig had ik geen tijd om daar goed over na te denken. We moesten ons met spoed gaan melden.

We renden onze longen uit ons lijf

We renden om zeven uur ‘s ochtends onze longen uit ons lijf om maar op tijd te zijn voor onze weekendje Napels samen. De gang van de D-gate op Schiphol is dan ontzettend lang. Zeker als je naar gatenummer 81 moet. Manlief, die een langeafstandsloper is, heb ik maar vooruit gestuurd. Mijn eigen conditie was ver beneden peil werd mij pijnlijk duidelijk. Maar uiteindelijk kwam ook voor mij nummer 81 in zicht.

‘Kan ik ze nog doorlaten?

‘Het was helemaal leeg toen ik aankwam, alleen een grondstewardes stond er met mijn echtgenoot. Ze sprak door de telefoon: ‘Ze staan nu hier, kan ik ze nog doorlaten?’ Gelukkig werd er aan de andere kant ‘ja’ gezegd en mochten we door. Onze handbagage moest echter naar het ruim. Ik vond het allemaal prima op dat moment en knikte braaf ‘ja’. Praten kon ik nog niet. Ik was total loss en dus compleet buiten adem. In het vliegtuig keken de mensen ons vreemd aan. Het deerde ons niet; we waren alleen maar blij dat we in het vliegtuig zaten.

Compassie in plaats van onbegrip

Voor de terugvlucht waren we heel ruim op tijd op het vliegveld. We waren zelfs zo vroeg dat we nog niet eens konden inchecken. We hielden wel de tijd nauwlettend in de gaten. Als ik nu iemand hoor die omgeroepen wordt, heb ik in plaats van onbegrip compassie voor deze persoon. Het kan immers de beste overkomen. Alleen ik mag hopen dit niet meer mee te maken. En als het wel gebeurt, dan wens ik dat mijn conditie een stuk beter is…