’Shit, er zit 10-secondenlijm op mijn tong. Hoe kan dit nu weer? Oh my god, wat moet ik doen?’ Dat is wat ik redelijk paniekerig en een beetje slissend in de richting van mijn man en mijn puberzoon roep. Ondertussen duw ik mijn tong tegen de binnenkant van mijn tanden. Keer op keer. En met mijn duim en vinger probeer ik de lijm van mijn tong af te krijgen. Dat lukt aardig. Een groot stuk trek ik er in één keer vanaf. Gelukkig wel zonder dat ik een deel van mijn tong hierin meeneem.
Inmiddels ben ik al tien seconden onderweg en krijg ik de lijm al niet meer van mijn tanden waar het toch echt aangekleefd zit. Daar komt dus de naam 10-seconden-lijm vandaan. Dat wordt mij ineens heel snel duidelijk. In tien seconden zit dat wat je vastlijmt ook écht vast. Ik probeer nog met een elektrische tandenborstel de lijm eraf te poetsen, maar ook dat lukt niet meer. De lijm op mijn tanden zit vast; muurvast.
Geruststellende tandarts
Mijn man belt met onze tandarts en vraagt of het kwaad kan deze 10-seconden-lijm op mijn tanden. Mijn hersenen werken ondertussen op volle toeren door. Wat doet die lijm met het glazuur van mijn tanden? Wat als het er niet meer af kan? Gelukkig is onze tandarts zeer geruststellend. Het kan geen kwaad. En ik kan de volgende dag in de praktijk langskomen om het eraf te laten halen.
Maar hoe komt in godsnaam die lijm op mijn tanden? Dat is wel een verhaal. Het begint bij mijn zoon die iets aan elkaar gelijmd heeft op zijn kamer en de tube 10-seconden-lijm daarna op zijn bureau laat liggen. Aangezien pubers denken dat ze heel goed kunnen multitasken, heeft hij ondertussen ook een heerlijk broodje met ei, spek en kaas gemaakt. De lijmtube ligt naast dat bord met broodje ei op zijn bureau. En ik? Ik zie dat heerlijk uitziende broodje – dat er gewoon té lekker uitziet – en neem een hap.
Reconstructie schept duidelijkheid
Als ik het broodje pak, strijk ik ondertussen met mijn wijsvinger langs de lijmtube waar nog een bolletje lijm aankleeft. Blijkt allemaal later als ik een reconstructie doe. Met die vinger waar dat bolletje lijm inmiddels op zit en met mijn duim pak ik het broodje ei en neem een hap.
En dan zit het bolletje 10-seconden-lijm ineens niet meer op mijn vinger, maar op het stukje brood met ei dat ik mijn mond heb en in een fractie van een seconde later zit het op mijn tong. Wat daarna gebeurt, is duidelijk.
Ook ik polijst her en der wat
De volgende dag mag ik in de tandartspraktijk naar de mondhygiëniste. In slechts tien minuten schuurt en schraapt zij de lijm van mijn tanden. De mondhygiëniste ontzorgt mij enorm en laat mijn tanden er weer spic en span uitzien. De lijm is van mijn tanden. Ze polijst mijn tanden ook nog even. Dit alles had ik zelf nooit zo goed voor elkaar gekregen. Gelukkig is zij zeer deskundig op dat vlak. Het is immers haar vak.
En dat is wat ik ook doe voor mijn klanten met hun teksten. Ik ontzorg en laat hun teksten er spic en span uitzien. En ik polijst her en der nog wat. Iets wat mijn klanten zelf nooit zo goed voor elkaar krijgen omdat het gewoonweg niet hun vak is en wel dat van mij.